Groei flexcontracten, vooral bij jongeren met bijbaan

Gepubliceerd op 23-05-2018

In Nederland is het aantal flexkrachten in vijftien jaar gegroeid van een miljoen naar ruim 1,9 miljoen. Er is vooral een toename in flexwerk bij jongeren. Steeds meer scholieren en studenten hebben een bijbaan op basis van een flexcontract.

Dat blijkt uit cijfers die het CBS vandaag heeft bekendgemaakt.

Volgens het CBS waren er in Nederland in 2017 5,2 miljoen mensen met een vast dienstverband, ruim 1,9 miljoen mensen met een flexcontract (1.948.000) en ruim 1,4 miljoen zelfstandigen. Ter vergelijking, in 2003 waren er aanzienlijk minder flexkrachten, namelijk ruim een miljoen. Om precies te zien, het aantal werknemers met een flexibele arbeidsrelatie is tussen 2003 en 2017 toegenomen met 856.000.

Meer flexwerk onder jongeren

Vooral onder jongeren (15 tot 25 jaar) is het aantal flexwerkers toegenomen. Dit zijn veelal studerende en schoolgaande jongeren met een bijbaan. Het aantal werkende jongeren is tussen 2003 en 2017 toegenomen van 1,2 miljoen naar 1,3 miljoen. Het aantal jonge werknemers met een flexibel contract nam toe met bijna 400.000, terwijl het aantal vaste contracten afnam met ruim 300.000. Hierdoor is het aandeel flexwerkers onder jongeren toegenomen van 41% in 2003 tot 68% in 2017. Er waren in 2017 er zo’n 883.000 jongeren met een flexcontract.

Verdubbeling flexwerk bij 25-plussers

Van de 25- tot 45-jarigen hadden in 2017 bijna twee op de tien een flexcontract. In 2003 was dit nog één op de tien. Het aantal flexwerkers in deze leeftijdsgroep nam toe met 266.000 personen, terwijl het aantal werknemers met een vaste arbeidsrelatie afnam met 811.000. Overigens neemt het aantal 25- tot 45-jarigen in Nederland af.

Meer 45-plussers

Het aantal 45-plussers groeide daarentegen sterk. Het aantal werknemers met een flexcontract nam toe met 197.000. Maar ook het aantal werknemers met een vaste arbeidsrelatie en het aantal zelfstandigen steeg, samen met ongeveer een miljoen. Hierdoor is het aandeel flexibele werknemers onder 45-plussers licht gegroeid van 7% procent naar 10%.

Scholieren en studenten met een bijbaan

Van de 883.000 jongeren met een flexibele arbeidsrelatie in 2017 waren bijna acht op de tien scholier of student. Het gaat dan vooral om jongeren die naast het volgen van onderwijs een bijbaan hebben. De groei van het aantal flexibele werknemers onder jongeren zit ook hoofdzakelijk bij deze scholieren en studenten, 335.000 sinds 2003. Enerzijds is de groep scholieren en studenten met werk in omvang gegroeid, vooral doordat steeds meer jongeren een opleiding in het hoger onderwijs volgen. Hierdoor blijven ze langer dan voorheen in het onderwijs. Anderzijds hebben scholieren en studenten die werken steeds vaker een flexibele arbeidsrelatie. Dat geldt voor ruim driekwart van de schoolgaande jongeren in 2017, in 2003 was dit nog de helft. Op deze manier kunnen zij de studie- en werkactiviteiten combineren. De voornaamste reden voor het hebben van een flexibel contract is voor jongeren de behoefte aan flexibiliteit.

Niet-schoolgaande jongeren

Daarnaast waren er 382.000 niet-schoolgaande jongeren met werk in 2017. Bijna de helft van hen had een flexibele arbeidsrelatie in 2017. In 2003 was dit nog 27%.

Bron: CBS

Terugkeren naar overzicht

Actueel nieuws

  • Uitzendwerk goed voor BV Nederland

    Iedereen in Nederland pofiteert van uitzendwerk. Uitzenden zorgt voor meer banen, minder ongereguleerd flexwerk en spekt de schatkist van de BV Nederland. Per saldo liggen de maatschappelijke baten zelfs tussen de € 1,1 en € 3 miljard per jaar.

    Lees meer
  • De NBBU-CAO voor uitzendkrachten is nu ook beschikbaar in een app.download hem nu!

    De NBBU-CAO voor uitzendkrachten is nu ook beschikbaar in een app.download hem nu!

    Lees meer
  • UPDATE NBBU-CAO VOOR UITZENDKRACHTEN

    Op dit moment is de NBBU nog volop in onderhandeling met de vakbonden FNV, CNV, Unie en LBV om, samen met de ABU, te komen tot twee gelijkluidende uitzendcao’s. Helaas hebben we op dit moment nog geen cao-akkoord bereikt. Ons streven is om op korte termijn, nog voor de zomer, tot een cao-akkoord te komen met alle partijen. Er wordt nu gesproken over een cao met een kortere looptijd tot medio 2021. Hierbij zetten we in elk geval in op een ingangsdatum waarbij er voor uitzendondernemingen voldoende tijd is om de wijzigingen op een goede manier te kunnen implementeren.

    Lees meer