‘Huidige afrekenmodel houdt uitzenders in gijzeling’

Gepubliceerd op 03-07-2019

Dat stelt Steven Gudde, directeur Bidmanagement & Business Development bij Olympia.

Er is iets goed mis met het huidige verdien- en rekenmodel, stelt Gudde. “Flex wordt vooral gezien als een eenzijdig middel om de kosten te drukken, waarbij bedrijven zoeken naar de goedkoopste variant. Eenzijdige concurrentie op tarieven is een race naar de bodem. We komen nu op een punt dat je als sector met een slecht renderende business cases werkt waarbij je alleen jezelf en elkaar pijn doet, zonder dat we de werkelijke waarde van onze dienstverlening zichtbaar maken. Daar is niemand bij gebaat. We houden elkaar als uitzenders in een curieuze gijzeling.”

Toegevoegde waarde

Er zitten volgens Gudde weeffouten in de wijze waarop uitzenders en opdrachtgevers samenwerken bij de inhuur van flexwerkers. “Bij het huidige afrekenmodel, dat we al decennialang hanteren, ligt de nadruk op kosten. Logisch, want werken met tarieven per uur is historisch zo gegroeid. Maar een uurtarief is maar één component, daarin komt niet de totale waarde voor de klant tot uitdrukking. “Hoewel de uitzendbranche er zelf ook debet aan is dat volgens dit afrekenmodel wordt gewerkt, zit dit moderne uitzendorganisaties nu in de weg”, stelt Gudde. Want naast het traditionele leveren van uitzendkrachten voor ziek en piek – waarvoor het hanteren van een uurtarief logisch is – is de toegevoegde waarde van uitzendbureaus tegenwoordig namelijk veel groter. “Het zorgen voor de juiste match is niet meer de grootste waarde van uitzenders. Die is gelegen in een andere dienstverlening en doelstelling, zoals het beheren van de flexibele schil, het bieden van continuïteit en zekerheid, bouwen aan opleidings- en doorstroomtrajecten, creëren van optimale personeelssamenstelling en het managen van ondernemersrisico’s.”

Afrekenen op output

Moderne (grotere) uitzendbureaus zijn in zijn visie strategische partners die samen met de klant invulling geven aan de strategische personeelsplanning en het managen van operationele kosten bij de inlener. “Dit is meer outputgericht, gericht op het samen bereiken van het maximale resultaat.” Gudde trekt de vergelijking met supply chain management. “Samen kijken naar de hele keten, waarbij de uitzender samen met de klant kijkt naar de totale optimale inzet van personeel.” Deze toegevoegde waarde moet volgens hem op een andere manier worden afgerekend. ”Daar past het huidige afrekenmodel niet bij. Je kunt dan niet alles langs de urenlat leggen en één schakel van de keten volledig uitonderhandelen. Dat werkt niet.” Zo’n samenwerking vraagt om een andere benadering, stelt Gudde. “Als je een loodgieter jouw kraan laat repareren, kun je dit op basis van uurtarief doen, maar als je een aannemer vraagt een heel nieuwe badkamer op te leveren, doe je dat niet op uurbasis.”

Maandpremie?

Wat is dan wel een goed verdienmodel dat recht doet aan de dienstverlening van de uitzendbranche? Een pasklaar antwoord heeft ook Gudde niet, hoewel hij wel een suggestie heeft. “Waarom niet werken met een maandpremie, zoals bij verzekeraars gebruikelijk is? Met deze premie dekken (inlenende) bedrijven dan bijvoorbeeld het risico van een fluctuerend werkvolume af.” Gudde staat open voor andere suggesties en gaat graag de discussie aan met collega’s uit de flexbranche. Maar één ding is duidelijk: “er moet iets drastisch veranderen in het verdienmodel van uitzendbureaus.”

“..als je een aannemer vraagt een heel nieuwe badkamer op te leveren, doe je dat niet op uurbasis.”

Want de komst van de WAB, waardoor de kosten voor flexkrachten omhoog zullen gaan, maakt dat de branche volgens Gudde nog sneller in de reflex schiet om de kosten verder te drukken en legt de focus in een gesprek opnieuw op tarief en kosten. “Dit dwingt de sector nu tot nadenken; willen we nog verder kosten gaan reduceren of willen we waarde creëren?” Elke uitzender moet zichzelf (en zijn opdrachtgever) volgens hem de vraag stellen ‘moet het goedkoper of moet het meer waard worden?’

Duurzame arbeidsrelaties

Gudde kiest liever voor het laatste, ook in het belang van de flexkracht zelf. Het huidige kostenmodel maakt volgens Gudde dat bedrijven flexwerkers als kostenpost benaderen en te vaak als ‘tweederangs medewerkers’ behandelen, waardoor zij zich niet betrokken voelen. Dat terwijl HR claimt personeel te zien als hun belangrijkste kapitaal… Ook flexkrachten worden volgens Gudde op dit moment niet naar geleverde waarde beloond, terwijl zij een belangrijke bijdrage aan de weerbaarheid en continuïteit van bedrijven. “Zij nemen risico’s weg voor bedrijven, maar de kostendiscussie vertroebelt het zicht op de waarde die ze daarmee hebben.” Dat moet anders, vindt Gudde, ook met het oog op duurzame inzetbaarheid van flexkrachten. “Mensen willen waardevol werk doen en van betekenis zijn. We moeten als uitzendbranche samen met bedrijven onze verantwoordelijkheid nemen om werk en werkrelaties van waarde te creëren. Alleen op die manier zorgen we voor duurzame arbeidsrelaties.” “Daar willen wij graag het gesprek over openen, met iedereen die hier voor open staat om samen te weken aan een arbeidsklimaat waarin betekenis centraal staat. Ergens moeten we de eerste stap zetten om zaken te veranderen.”


Bron: Flexmarkt 1 juli 2019

Terugkeren naar overzicht

Actueel nieuws

  • ABU en NBBU stemmen cao’s op elkaar af

    ABU en NBBU hebben vanaf 30 december 2019 nieuwe, vereenvoudigde en geharmoniseerde cao’s voor alle 850.000 uitzendkrachten in Nederland. “Dit is de grootste cao-herziening in 25 jaar”, zegt ABU-directeur Jurriën Koops.

    Lees meer
  • Uitzendwerk goed voor BV Nederland

    Iedereen in Nederland pofiteert van uitzendwerk. Uitzenden zorgt voor meer banen, minder ongereguleerd flexwerk en spekt de schatkist van de BV Nederland. Per saldo liggen de maatschappelijke baten zelfs tussen de € 1,1 en € 3 miljard per jaar.

    Lees meer
  • De NBBU-CAO voor uitzendkrachten is nu ook beschikbaar in een app.download hem nu!

    De NBBU-CAO voor uitzendkrachten is nu ook beschikbaar in een app.download hem nu!

    Lees meer